In de queergemeenschap is acceptatie van familie niet altijd vanzelfsprekend. Soms is familie iets wat je zelf opbouwt en leden die je zelf kiest; in vriendengroepen, op dansvloeren, in kleedkamers en nachtclubs waar generaties queers elkaar vinden. Binnen die gekozen families bestaan rollen die verder gaan dan performance: dragmoeders, dragvaders, kinderen en draghuizen. Het zijn netwerken van zorg, bescherming en kennisoverdracht. Voor model en performer Aryelle Freeman Hopelezz is de titel van dragmoeder geen symbolische titel. Moederschap is voor haar een verantwoordelijkheid. Voor queers die geen veilige familie of moederfiguur hebben, biedt Aryelle die rol op haar eigen manier aan: ze geeft support, liefde en een gevoel van gemeenschap.
“Moeder!”
Twee jonge queers staan voor Aryelles neus op een afterparty in Club Church. Even daarvoor hadden ze haar tijdens haar performance op queer feest Wasteland al onafgebroken aangestaard, hun handen in de lucht, alsof ze een openbaring zagen. Nu liggen ze half op de grond, roepend: Moeder, moeder! Aryelle Freeman Hopelezz rolt met haar ogen. Jarenlang had ze de titel van moeder afgewezen. “Ik ben geen moeder.,” zei ze altijd. Te vaak werd het woord volgens haar lichtzinnig gebruikt: als grap, als oppervlakkig compliment.
Maar deze keer voelt het anders. De energie van de twee jonge performers is oprecht. Geen ironie, geen schaduw van spot. “Sta op,” zegt ze uiteindelijk. “Vanaf vandaag zijn jullie mijn gekozen kinderen.” Die avond adopteert Aryelle de performers Pussy Pussy en Skylar Freeman als haar eerste kinderen. Inmiddels, drie jaar later, is ze gestopt met tellen. Ze heeft meer dan vijfentwintig gekozen kinderen en zelfs kleinkinderen, wanneer haar kinderen zelf weer anderen opnemen in hun gekozen familie.
In de Amsterdamse queer scene staat Aryelle inmiddels bekend als moeder. Maar voor haar is moederschap geen titel, geen hiërarchie en geen controle. Het is een vangnet. En een belofte: “Jij hoeft niet alleen te navigeren wat ik alleen moest doen,” zegt ze.
Jeugd in Jamaica
Aryelle groeide op in Jamaica, een land met vijandig klimaat voor queer mensen, zo vermeldt Human Dignity Trust (2025). “In Jamaica kom je niet echt uit de kast,” zegt ze. “Dat is te gevaarlijk. Je overleeft. Als je openlijk uit de kast komt, loop je het risico om vermoord te worden.” Op haar elfde kwam ze uit de kast bij de queer gemeenschap om haar heen. Daar werd ze gezien en begrepen, maar thuis bij haar biologische familie bleef het stil.
Ze zag hoe haar ouders spraken over queer mensen: met afstand, met moreel oordeel. Dat weerhield haar ervan om tegenover haar familie open te zijn over haar geaardheid. Toch denkt ze nu dat haar ouders misschien meer wisten dan ze ooit hebben gezegd. “Ik denk dat mijn ouders het wel wisten,” zegt ze. “Ze beschermden me heel erg. Ik mocht bijna nooit alleen naar buiten. Mijn jongere broertje wel.”
Onzichtbaar
Die bescherming voelde dubbel. Aan de ene kant gaf het een gevoel van veiligheid, aan de andere kant leerde het haar dat zichtbaar anders zijn gevaarlijk kon zijn. “Je leert dan dat je niet uit de kast kunt komen naar je familie. Je ziet hoe ze zich verhouden tot het onderwerp en denkt: het wordt onveilig om je hart op tafel te leggen.” Ze wilde tegen haar moeder zeggen: “Mam, ik heb een vriendje.” Of: “Ik ga graag om met andere mensen uit de LGBTQIA+-gemeenschap, omdat zij mij begrijpen.” Maar ze kon het niet.
Dat zwijgen had gevolgen. Op Aryelles twaalfde werd ze verkracht en besmet met HIV, wat zij niet durfde te vertellen. De angst om verstoten te worden was groter dan de nood om beschermd te worden. Aryelle vertelt: “Het is heel onveilig als je niemand hebt om op een ouderlijke manier mee te praten. Een gekozen familie, is in de queer gemeenschap nooit een romantisch concept geweest: het is een overlevingsstrategie. Wanneer je biologische familie je niet kan of wil zien, moet je zelf mensen vinden die dat wel doen.”
Coming-out
Aryelles coming-out op haar 22e naar haar moeder gebeurde uiteindelijk niet zoals ze had gepland: Aryelles huisbaas vertelde het haar moeder. Een paar dagen nadat de zoon van de huisbaas (ook gay) Aryelle had ontmoet, werd haar geheim doorgegeven. Haar moeder werkte voor haar, deed haar was en maakte schoon. Ze leefden in een hiërarchische samenleving waarin klasse alles bepaalt. Aryelle had zich opgewerkt: ze werkte met de overheid, met het ministerie van Volksgezondheid en met de Verenigde Naties.
Haar moeder was wat in Jamaica een derderangsburger wordt genoemd: arm, zonder sociale mobiliteit. Toen haar moeder haar confronteerde, huilde ze. Ze verwees naar de Bijbel en naar de kerk waar Aryelle actief was. “Waarom doe je me dit aan?” Aryelle antwoordde: “Ik doe je niks aan. Als er iemand is die ik dit aan doe, ben ik het zelf.”
Later die avond belde haar moeder om te vragen of ze veilig thuis was gekomen. “Die zorg had ik nog nooit van haar gezien,” zegt Aryelle. “Totdat ik uit de kast kwam.” Hun band werd daarna bijna spiritueel. Als haar moeder ziek is in Jamaica, zegt Aryelle, voelt ze dat hier. Ze spreken elkaar nog steeds. Haar vader is inmiddels overleden. De liefde van haar moeder bleek uiteindelijk groter dan de angst, maar Jamaica bleef gevaarlijk.
Van hiv-pionier naar asielzoeker
Aryelle werkte al vanaf haar twaalfde bij Jamaica AIDS Support for Life, de eerste hiv-organisatie van en voor gays in het land. Ze groeide op tussen flamboyante mannen die zichtbaar en strijdlustig waren en die overleden aan AIDS. Aryelle werd specialist in hiv-preventie en voorlichting, schreef mee aan internationale handleidingen en werkte tien jaar samen met het ministerie van Volksgezondheid, waar ze een leiderschapsrol had..
Tot een vrouw binnen haar werk haar dreigde te outen en publiekelijk beschuldigde van het aanraken van haar vriend. In Jamaica kan zo’n beschuldiging levensgevaarlijk zijn. Als Aryelle in de gevangenis zou belanden, wist ze dat ze het niet zou overleven. Ze probeerde zichzelf te doden door een overdosis hiv-medicatie te nemen. Een vriend vond haar op tijd. Ze overleefde, maar verloor 85 procent van haar geheugen.
“Ik wist niet wie mijn moeder was,” zegt ze. “Mijn zus kwam langs en ik herkende haar niet.” Na een maand in een psychiatrisch ziekenhuis nam haar moeder haar mee naar huis. Maar het was daar niet veilig. “Iedereen in de buurt kende me als “die gay”. Ik wist dat ik het land moest verlaten, toen mijn hele gemeenschap dat ook deed. Toen mijn vriendin naar Canada vluchtte, was dit de druppel.” In 2009 nam Aryelle het besluit: ze moest weg uit Jamaica.
Zonder visum vloog ze via Curaçao naar Amsterdam, zogenaamd op doorreis naar Istanbul. Op Schiphol vroeg ze asiel aan. Ze begeleidde drie andere Jamaicanen die hetzelfde wilden doen. “Don’t talk. Just follow me,” zei ze tegen hen. Ze wist precies wat ze moest doen en zeggen. Alle vier kregen asiel en Aryelle belandde in een Asielzoekerscentrum in Alkmaar. “Toentertijd was dat het beste AZC in Nederland. Ik heb er niet lang gezeten. “Negen maanden na aankomst op Schiphol kreeg Aryelle een verblijfsvergunning en een woning in Haarlem. Ze werkte in de bejaardenzorg en sliep in Haarlem, maar leefde in Amsterdam. Hier bouwde zij haar sociale leven op en vormde ze haar identiteit in de queer gemeenschap.
Cultuurschok: vrijheid en oppervlakkigheid
“In Jamaica waren queer feesten geheim. Vier uur van tevoren kreeg je via je telefoon de locatie doorgestuurd. Soms bleken het vallen van homofoben. De eigenaar van de enige gay club in het land werd vermoord”, zegt Aryelle. In Nederland was seks zichtbaar en overal, volgens Aryelle. Ze had nog nooit gezien dat er zo open over seks en je identiteit werd gecommuniceerd. “Ik voelde me als een kind in het circus,” zegt Aryelle. “Ik wilde alles proberen.”
Maar de openheid in de gemeenschap bleek soms ook oppervlakkig. “Het is cosmetisch,” zegt ze. “We praten over community, maar eigenlijk is het heel individualistisch.” Ze vergelijkt een gemeenschap met een lichaam. Een hand is niet het hele lichaam. Een voet ook niet. “Je hebt elkaar nodig, je kunt het niet alleen doen..”
Via clubs als Church en Cuckoo’s Nest bouwde Aryelle een netwerk op en leerde ze veel mensen kennen: “Ik kon de social butterfly zijn die ik ben en kwam in contact met mijn mensen.” In 2013 werd Aryelle opgenomen in the House of Hopelezz van Jennifer Hopelezz (Amsterdamse queer legende die drag doet en de eigenaar is van Club Church, de gay sauna en organisator van de Drag Olympics en the Superball) die haar dragmoeder werd. “Onderdeel zijn van the House of Hopelezz gaf me liefde en support. Het gaf me toegang tot queer spaces. Maar bovenal: het gaf me acceptatie en ruimte om te groeien.” Aryelle begon met drag, won meerdere keren de Drag Olympics en werkte als performer, model en dj. Maar zelf moeder worden? Dat weigerde ze jarenlang.
Begin van het moederschap
Tot die avond op Wasteland. “Ik was opgevoed in de community om een leider te zijn,” zegt Aryelle. “Misschien was het tijd om dat terug te geven. Ik heb zoveel meegemaakt en ik wil niet dat anderen hetzelfde doormaken. ” Haar moederschap draait niet om controle. Als iemand haar vraagt om hun moeder te worden, begint ze met een observatieperiode. “We kijken naar elkaar. Voelen we elkaars energie?”
Aryelle wil geen afhankelijkheid creëren in de relatie met haar gekozen kinderen. “Word niet verslaafd aan mij, zoals met drugs.” Haar kinderen hoeven haar drankjes niet te halen in de club als ze samen uit zijn. “Je bent hier om te feesten,” zegt ze tegen hen. “Als er iets is, weet je me te vinden.” Ze probeert hen vrijheid te geven. Toch voelt ze soms een steek als ze geen antwoord krijgt op een bericht. Verlating blijft een gevoel dat ergens in haar zit, maar ze probeert geen druk te leggen op contact met haar kinderen. Gekozen familie is voor haar een wederzijdse overeenkomst. “Gekozen familie geeft een gevoel van vereniging en veiligheid. We zijn veiliger met zijn allen. zegt ze. “Samen staan we sterk, samen vallen we.”
Voor Aryelle kost het moederschap geen energie: “Ik krijg er juist energie van. En de liefde gaat beide kanten op, het is niet zo dat ik alleen liefde en support geef aan mijn kinderen. Ik krijg precies diezelfde liefde en steun terug vanuit mijn kinderen. We hebben elkaar gekozen en dit gevoel van wederkerigheid geeft mij veel energie.”
Trans, hiv-positief en bruggenbouwer
In 2023 begon Aryelle haar medische transitie. Twee jaar later werd ze uit haar woning in Haarlem gezet. Officieel om andere redenen, maar voor haar is het duidelijk: het had te maken met haar trans identiteit. Ze werd dakloos, maar kon gelukkig bij haar toenmalige partner terecht.“Anders was ik op straat beland en dat was niet goed geweest. Iedereen denkt dat Nederland zo veilig is, maar er is veel geweld naar trans personen.”
Naast haar werk in de performance queer scene zet Aryelle zich in voor mensen met hiv, in het bijzonder transvrouwen en migranten. Ze is zelf hiv-positief. “De nieuwste cohorten zijn niet witte mannen, maar jongeren, vrouwen en migranten,”zegt ze. Samen met activist Dinah Bons (die werkzaam was bij BIJ1) werkt ze aan meer inclusiviteit binnen hiv-organisaties. Ze werken met trans personen van kleur uit de ballroom-en nachtcultuur binnen de HIV-vereniging en krijgen daar ruimte en middelen voor. Ze organiseren bijeenkomsten voor transvrouwen, gaan mee naar doktersafspraken en fungeren als brug tussen patiënten en zorgverleners. “Dokters moeten hun persoonlijke mening thuislaten,” zegt Aryelle. “Het gaat om gezondheid. Niet om moraliteit.” Ze weet hoe schadelijk bias kan zijn. Toen zij als kind werd verkracht, had een veroordelende reactie haar kunnen breken. “Je weet niet hoe jouw mening iemands leven kan beschadigen. Je mening laat je thuis, zorg is een universeel recht.”
Moederschap als verzet
Wat betekent gekozen familie vandaag, in een politiek klimaat dat steeds grimmiger en anti-queer wordt? “Het is een aardverschuiving,” zegt Aryelle. “Van Europa tot Afrika. De agressie tegen onze community groeit. Gekozen familie betekent voor mij samen blijven. Liefde delen zodat je niet verhardt en niet gek wordt. We geven elkaar support en zijn er voor elkaar in moeilijke tijden, we zijn elkaars familie en begrijpen elkaar.”
“De familie waarin je geboren wordt, kies je niet altijd,” zegt Aryelle. “Dus willen wij de mogelijkheid hebben om zelf te kiezen.” Ze ziet haar rol niet als die van een redder, maar als een anker. Aryelle heeft zelf tijdens haar opgroeien begeleiding, veiligheid en support gemist en het gevoel van iemand die zei ‘ik ben hier’. Dit wil ze nu teruggeven: “Ik heb veel meegemaakt, heb veel doorstaan Ik wil mijn kennis en ervaring omzetten in liefde en dat aan andere queers meegeven.”
Moederschap buiten bloed is geen esthetiek, geen hype. Het is een antwoord op verlies, op migratie, op geweld, op niet worden geaccepteerd en op institutioneel falen. Gekozen familie kan iets prachtigs bieden. En soms begint dit met twee jonge mensen die op een dansvloer “Moeder!” roepen en iemand die haar rol als moeder accepteert.
Over de auteur(s)
Rutger
Rutger (hij/hem, 29) is een freelance redacteur met interesse in human interest, politiek en identiteit. Hij heeft gewerkt voor o.a. KRO-NCRV, WINQ Magazine, Linda Meiden en wil in zijn werk op zoek naar het menselijke achter bredere maatschappelijke thematieken.




