Ashanti

De LHBTQIA+ gemeenschap is een diverse gemeenschap waar culturele diversiteit ook volop aanwezig is. Zwarte personen en personen van kleur maken een deel uit van onze gemeenschap en de geschiedenis van onze emancipatie. Denk aan Marsha P. Johnson bij de Stonewall Riots, maar denk ook aan Edgar Cairo bij de demonstratie op het Binnenhof in 1969. Vandaag de dag is de zichtbaarheid van zwarte LHBTQIA+ personen en LHBTQIA+ personen van kleur steeds groter en ontstaan er ook meerdere groepen en organisaties die zich hierop focussen, zo ook de groep Hindostaans & Queer.

Eerder sprak ik met Wedica van Hindostaans & Queer over de oprichting van de groep en wat ze voor ogen zag voor de groep. Hindostaans & Queer heeft dit jaar ook een rol en plek binnen de Indian History Month van het Sarnamihuis, een initiatief gericht op het zichtbaar maken en delen van Hindostaanse geschiedenis. Dit jaar is Ashanti, een vrouwenblad in de jaren ’80 voor en door Surinaamse vrouwen, het thema van Indian History Month. In dat blad zijn seksuele diversiteit en LHBTQIA+ personen meerdere keren aan bod gekomen. Benieuwd naar hoe Surinaamse LHBTQIA+ personen in de jaren ‘80 ervoor stonden, sloegen Hindostaans & Queer, Expreszo en Natasjawrites.com de handen ineen en doken we de verschillende edities van Ashanti in.

‘Homofilie’

In een van de uitgaven van Ashanti is uitgebreid aandacht besteed aan homoseksualiteit. Het eerste wat opviel in het tijdschrift is dat ze spreken over ‘homofilie’. Vandaag de dag is die term niet meer gangbaar, maar toentertijd gebruikten ze het volop om koppels van hetzelfde geslacht (of dezelfde genderidentiteit) te duiden. Ze hebben meerdere alinea’s gewijd aan hoe veel mensen discrimineerden op homoseksualiteit, maar dat het heel normaal is. 

Ook schreven ze dat veel LHBTQIA+ personen uit Suriname vluchtten omdat ze een rustiger leven in Nederland dachten te krijgen zonder dat men ze uitschold of discrimineerde. Maar ze kwamen thuis van een koude kermis, want in Nederland was discriminatie ook geen vreemd fenomeen.

Ze merkten wel dat dingen anders werden. “Vroeger werden de homo-seksuele of biseksuele mensen die toch voor degene kozen waarvan ze hielden erg onderdrukt. De laatste jaren komt daar enige verandering in,” schreef een redacteur. Maar het gebrek aan acceptatie was wijdverspreid en je moest oppassen met wat je in het openbaar deed. “Nog steeds moet je veel dingen kibri fasi doen, want sma n’afu sabi ju tori”, volgde ze. Vrij vertaald betekent dit dat je veel dingen verschuild moet houden want mensen hoeven niet te weten wat je allemaal doet. 

Werkgroep van Surinaamse Homofielen

Lokaal organiseren was toen ook al een gegeven. Surinaamse mannen en vrouwen kwamen samen onder de noemer Werkgroep van Surinaamse Homofielen. Deze activistische groep had duidelijk voor ogen wat ze wilden realiseren. De werkgroep wilde bijvoorbeeld Surinaamse LHBTQIA+’ers begeleiden bij hun strijd om emancipatie, maar ook voorlichting geven aan de Surinaamse gemeenschap van Nederland over homoseksualiteit. Wellicht een van de belangrijkste speerpunten van de werkgroep is dat het zich wilde inzetten voor de emancipatie van alle Surinamers, wat duidt op een vorm van intersectionaliteit. Enerzijds stonden Surinaamse LHBTQIA+’ers voor de emancipatie van homoseksualiteit, anderzijds stonden ze ook voor de emancipatie van alle Surinamers in Nederland.

Jonge Surinaamse LHBTQIA+’ers

De kwetsbaarheid van jonge LHBTQIA+ is een tijdloos probleem en is ook terug te vinden in alle gemeenschappen. Zo vertelt een jonge lesbische vrouw van 20 in Ashanti over dat ze een keer slaaptabletten had ingenomen omdat ze het niet meer zag zitten vanwege de vijandigheid die ze voelde in haar omgeving en de eenzaamheid als gevolg daarvan.

Een andere rake passage gaat over de moeder van een homoseksuele jongen die haar gevoelens en gedachten erover op papier zette. Ze benadrukt dat ze het eigenlijk vreemd vindt dat er niet openlijk gesproken wordt over seksualiteit, en denkt dat dit voortkomt uit ‘verlegenheid’ of ‘valse schaamte’. Ze vertelt over hoe ze van al haar kinderen houdt ongeacht wie ze zijn. “Het doet me geen verdriet dat mijn zoon homofiel is, maar het doet me wel pijn om te zien hoe andere mensen erop reageren,” schrijft ze. “Als ik hoor hoe de meeste ‘ontwikkelde’ mensen over homo’s praten, dan vraag ik me af waar die zogenaamde ontwikkeling eigenlijk blijft,” vertelt ze later in het stuk.

Biseksualiteit

Vandaag de dag is het soms pijnlijk duidelijk hoe men binnen en buiten de gemeenschap bi+ personen uitwist. Bij Ashanti was dat allesbehalve het geval. Biseksualiteit is ook expliciet en uitgebreid aan bod gekomen in het tijdschrift. Redacteuren van Ashanti interviewden een jonge biseksuele vrouw genaamd Maureen. Zo spreekt Maureen over hoe ze mannen én vrouwen allebei leuk vindt. Zij had een relatie met een man maar werd ook verliefd op vrouwen, waar ze alle ruimte voor kreeg van haar vriend. Hij hielp haar ook met ‘homo-aktiviteiten’ als zij deze organiseerde of bijwoonde. In datzelfde interview wordt ook duidelijk dat LHBTQIA+ personen van kleur zich niet in dezelfde ruimtes als witte LHBTQIA+ers bevonden. Zo geeft Maureen aan dat ze zich niet op haar gemak voelde bij het COC en blij was met de Suho (Surinaamse Homo-organisatie), een organisatie waar Tieneke Sumter een belangrijke rol speelde.

Studiedag over de norm van de heteroseksualiteit

Ook heteronormativiteit en met name het herkennen en benoemen van deze norm is tijdloos. Dat blijkt uit de issue Studiedag Over De Norm Van De Heteroseksualiteit. Een brede herkenning dat deze norm overal terug te vinden is, blijkt uit dat ze onderwijs, godsdienst en ‘massamedia’ benoemen als plekken waar die heteronorm herhaald wordt.

De hetero-norm werd ook gekoppeld aan andere fenomenen zoals de slechte positie die vrouwen hebben op de arbeidsmarkt, dat men van vrouwen verwacht met een man te trouwen en kinderen te krijgen, en dat “voornamelijk vrouwen worden opgescheept met de onbetaalde huishoudelijke arbeid en de verzorging van de kinderen.” De heteronorm werkt dus ook genderongelijkheid en de onderdrukking van vrouwen in de hand. De heteronorm ging hand in hand met traditionele genderrollen. Het was duidelijk dat de rollen verschillend waren per geslacht. Wat dit laat zien, is dat de vele vormen van onderdrukking verbonden zijn met elkaar en mensen op meerdere manieren onder de duim gehouden werden.

Continuïteit van de strijd

De dingen waar we nu nog voor strijden zoals acceptatie van seksuele en genderdiversiteit, de zichtbaarheid van bi+ personen, het tegengaan van heteronormativiteit en onderdrukking in het algemeen zijn dus niet nieuw. Wat wel enigszins droevig stemt, is dat het lijkt alsof we relatief weinig stappen hebben gezet in de decennia na deze artikelen, met name in de Hindostaanse gemeenschap. Er is meer acceptatie en bewustzijn voor en over het bestaan van LHBTQIA+ personen in het algemeen, maar veel Hindostanen hebben nog steeds liever niet dat een van hun kinderen ‘het’ zouden zijn.

De vele malen dat LHBTQIA+ personen ter sprake kwamen in Ashanti toont aan dat we vandaag de dag op de schouders staan van zij die voor ons kwamen. Dat geldt voor de zwarte LHBTQIA+ personen en de LHBTQIA+ personen van kleur, en onze gemeenschap in het algemeen. Met oog op het verleden moeten we ons richten op de horizon, het stokje overnemen en verder rennen. Want wij zijn de voorouders van de toekomst.

Dit artikel verscheen ook op de website van Hindostaans & Queer.

Over de auteur(s)

Rocher

Rocher

Schrijf mee

Wil jij helpen met het creëren van leuke content voor en door LHBT+? Bekijk hieronder onze vacatures.

Waarom iedereen het boek Pageboy moet lezen

Pageboy is een authentieke biografie waarin Elliot Page de lezer meeneemt in zijn reis naar worden wie hij is. De pijnlijke waarheid die veel trans personen moeten doorstaan wordt scherp beschreven.