home  dating  forum  blogs  recruitment  info  shop  organisatie  casting
 word abo  contact
 
De laatste columns
De pot (Coen)
Vertrouwd (Robin)
Het prinsessenkasteel (Tessa)
Franeker, jetzt geht’s los! (Albert)
Schoonouders? Viesouders! (Robert)
In je hok (Nina) (Gastcolumnist)
Acht keer 'ja' (Irene)
Bi-seksuele aantrekkingskracht (Dave)
Break the habit (Robin)
Zomergeluk (Coen)
Oudere columns (allemaal)

Elke donderdag twee nieuwe columns van onze huiscolumnisten! Je kunt je commentaar en verdere eerbare voorstellen aan ze mailen via webredactie@expreszo.nl. Helaas kunnen we niet beloven dat ze ook overal op reageren. Naast Expreszo hebben onze columnisten namelijk ook nog een privé-leven…

>>> Gaat heen en vermenigvuldigt u
(door: Coen)

Iedere week vind je hier verse columns van Expreszo's eigen columnistenteam. Albert (23), Tessa (16), Robin (18), Coen (20), Dave (26), Irene (17), Romy (20) en Robert (25) vullen deze pagina's met alle mogelijke onderwerpen. Ga naar álle columns! >>
--------------------------------------------------------------------------------------------------

Gaat heen en vermenigvuldigt u

Iedereen kent ze wel, ze zijn werkelijk overal maar vreemd genoeg lijkt niemand ze tegen te willen houden. Het is gewoonweg een wereldwijde plaag die nooit zal stoppen. Ze krioelen vlak bij mijn huis, in de supermarkt knallen ze altijd tegen me aan en vrijwel altijd maken ze overdadig veel lawaai. Waarom komt niemand in actie? Ligt het aan mij, of heb ik medestanders?

Ik heb het over kinderen.

Mijn god, wat moet iedereen er toch mee? Er zijn al meer dan zes miljard aardbewoners. De planeet bezwijkt haast. Dus waarom blijven we dan maar doorkweken?

Toen ik nog bij mijn ouders woonde had ik nergens last van, mijn dijk was rustig, uitgestorven zelfs. En ikzelf was de irritante kindfactor. Wel had ik altijd al een hekel aan mijn "medemormels". Daarom was ik ook zeer verheugd toen ik zestien werd, dat zag ik altijd als de magische grens tussen kind en adolescent. Vanaf dat moment kon ik iedereen die jonger was met een gerust hart minachten.

En reken maar dat ik dat deed.

Sinds ik op kamers woon heb ik meer last van kinderen gekregen, iets waardoor mijn afkeer nog steeds gestaag groeit. Ik woon namelijk zeer dicht bij een schoolplein. Een niet ommuurd schoolplein midden in een woonwijk, dus ook buiten de schooltijden scharrelen er kinderen rond.

Op oudejaarsdag word je dan ook wakker met het gevoel dat je in Bagdad woont. Daarbij komt het feit dat ik hier buurkinderen heb, en praatgrage buurkinderen ook. Als het lekker weer is mogen ze naar buiten, helaas worden ze nooit aangelijnd.

Was het maar zo’n feest.

Afgelopen zomer was het zo heet dat mijn huisgenoten en ik de tuindeuren wijd open hadden gezet om zo enigszins buiten te kunnen zitten, want van een echte tuin is vrijwel geen sprake. Toen ik op een snikhete zomerdag het huis uit wilde stappen riep het "buurmormel" me tactvol als altijd op het matje.

"Gekke buurman!" Riep ze. Braaf en gedwee gehoorzaamde ik haar roep en stapte naar buiten. Hoe voert men een gesprek met een wezen van vijf jaar? Huisgenoot Miriam, student pedagogiek en daarom dapper genoeg om wel eens op te passen bij de buren, kan het in elk geval erg goed. Ze heeft aan het "oppermormel" en haar broertje verteld dat huisgenoot Daniël en ik, die zo min mogelijk proberen te converseren met haar en haar kleine broertje, gekke buurmannen zijn.

Een eretitel die ik vanzelfsprekend met trots draag en hoogstwaarschijnlijk nooit meer kwijt zal raken. Ik keek haar aan maar sprak geen woord, niet eens meer proberend dezelfde infantiele kindertoon aan te slaan en interactie te creëren.

"Wat ga je doen?" Vroeg het nieuwsgierige kinderhoofd dat boven de schutting uitstak. Wat is er toch gebeurd met al die beleefd vousvoyerende kindjes van vroeger? Hoe irritant ik ook was, ik was wel bang voor oudere mensen en daarom zei ik dus altijd netjes 'u', zoals mijn ouders me dat hadden geleerd.

In elk geval, ik probeerde haar uit te leggen dat ik naar mijn ouders ging. Maar ze leek niet te begrijpen dat ik niet met mijn ouders in één enkel huis woon. Vreemd, want ze snapt wel dat haar eigen vader en moeder niet bij hun ouders wonen. Denk ik.

Op zulke momenten begrijp ik dus niet hoe je kinderen leuk kunt vinden.

Van een kat snap ik het nog, die kruipt gezellig bij je op schoot. Poept niet in zijn broek. Hoeft geen verantwoord gekookte maaltijd en kan ook niet zeuren, hoogstens mauwen. Maar kinderen! Hoe kun je serieus van iemand houden met wie je geen rationeel gesprek kunt voeren? Iemand die begint te krijsen als hij of zij valt en een schaafwond heeft. Iemand die je nog minstens vijftien jaar zult moeten dulden als irritante factor in je huis?

Na de kleutertijd houdt het immers niet op, sterker zelfs, de moeilijkste jaren moeten dan nog komen. Ik wil me niet voorstellen hoe het is om pubers onder controle te moeten houden. En je waar je bovendien zorgen om moeten maken. Als ouder schijn je je sowieso voortdurend zorgen te maken om je kind. Wat een stressvol leven moet dat zijn.

Wat ik dus ook niet snap, maar dan ook echt gewoon niet snap, is dat er homoseksuele stellen zijn die kinderen willen. Ik bedoel, homo zijn is het beste anticonceptiemiddel dat er bestaat. Als homo draag je bij aan de leefbaarheid van de wereld door niet in staat te zijn kinderen te krijgen. Ik zou bijna willen betogen dat het onnatuurlijk is om als homo kinderen te nemen.

Dus waarom zou je heel bewust je eigen kinderhel veroorzaken?

Waarom die moeizame tocht langs draagmoeders, zaaddonoren of adoptiebureaus? In deze tijd word je toch oneervol in een bejaardenhuis gepropt als je tachtig bent. Kinderen gaan echt niet meer voor hun ouders zorgen. Dan kun je als "andersgeaarde" beter je goede geld besteden aan een prettig zorgeloos leven. Reizen, theater, film en goed eten.

Zorgeloos leven zonder kinderen met vuile luiers die later zakgeld eisen, bij vriendjes of vriendinnetjes willen slapen en om half vijf van feestjes thuis willen komen terwijl jij half twee eist.

Vorige week kwam huisgenoot Miriam nog even mijn kamer binnenvallen na een uurtje oppassen bij de buren. Ze had cadeautjes bij zich van de kinderen. Een paar tekeningen voor huisgenoot Daniël en mij. Meteen moest ik zeer lichtelijk vertederd terugdenken aan de tijd dat ik zelf tekeningen maakte voor mijn grootouders, tantes, de oppas of wie dan ook.

En ik bedacht me, misschien zijn kinderen toch net geen miniatuur-antichristjes.


---
Deze column is geplaatst op 11-03-2010. In de kolom links vind je nog veel meer columns - kijk ook in ons columnarchief voor álle columns die op Expreszo.nl staan. Ga naar álle columns! >>

© 1998-2010, Stichting Hoezo/Expreszo | Gelieerd aan COC Nederland | Alle rechten voorbehouden
Service & Contact